TW obo

project natuur

Project kriebelbeestjes: Ga lekker naar buiten, wroet in de aarde op zoek naar kleine beestjes of kijk welke insecten vliegen. Dit kun je noteren op het dierenzoekblad en kriebelbeestjes. Auditieve oefeningen over kriebelbeestjes en meer.

Ook leuk om eens rond te kijken.. en dan in je eigen tuin op zoek.. vogelbescherming - beleef de lente

Juf Klazien leest voor uit 'Het grote boek van kleine beestjes' (Eric Carle) ⇒ 'Het eenzame vuurvliegje'.

Een lichtgevende smoothie maken - Het licht dat het vuurvliegje geeft is oranje van kleur. Als je deze smoothie in een helder glas schenkt, lijkt de kleur precies op het lichtje van het vuurvliegje. Dit heb je nodig:

  • 1 mes
  • 1 snijplank
  • 1 sinaasappel
  • 2 bananen
  • 1 blender
  • 200 ml vanilleyoghurt
  • 120 ml sinaasappelsap

Zo maak je de smoothie (Vraag een volwassene je te helpen.)

  1. pel de sinaasappel en de bananen en snijd ze in stukjes.
  2. Doe de stukjes fruit in de blender.
  3. Voeg de vanilleyoghurt toe.
  4. Voeg het sinaasappelsap toe.
  5. Laat de blender alles goed fijnmalen en mengen.
  6. Schenk het mengsel in een helder glas en geniet van de mooie kleur en de lekkere smaak! (De smoothie smaakt het beste tijdens het lezen van Het eenzame vuurvliegje.)

Juf Klazien leest voor uit 'Het grote boek van kleine beestjes' (Eric Carle) ⇒ 'De krekel die niet tsjilpen kon'.

bijbehorende knutselopdracht:

EEN KREKEL-INSTRUMENT MAKEN

Dit heb je nodig: een paar oude kranten of tijdschriften, 1 schoenendoos, 1 schaar, minstens 4 grote postelastieken, verf, 1 verfkwast.

Zo maak je een krekel-instrument:

  1. Om de tafel te beschermen bedek je hem met oude kranten of tijdschriften.
  2. Knip een rondje ter grootte van een theemok uit de deksel van de schoenendoos
  3. Span de vier elastieken over de lengte om de schoenendoos zonder deksel. Schuif ze naar het midden, maar zorg dat ze elkaar niet raken. Dit zijn de snaren van je krekel-instrument.
  4. Doe de deksel weer op de doos. Als het goed is, zie je de elastieken door het gat in de deksel.
  5. Geef je instrument een mooie kleur. Zorg wel dat er geen verf komt op de stukjes elastiek die je door het gat kunt zien.
  6. Laat de doos goed drogen.
  7. Tokkel op je snaren en maak je eigen muziek!

Juf Klazien leest voor uit 'Het grote boek van kleine beestjes' (Eric Carle) ⇒ 'De knappe kniptor'.

WELKE KANT OP?

Kniptorren zijn klein en een beetje onhandig. Als een kniptor omkiept en op zijn rug ligt, kan hij niet zelf weer omrollen en op zijn pootjes terechtkomen. Maar hij gebruikt een trucje: hij kan zijn borststuk los van zijn achterlijfje naar beneden klikken en op die manier de lucht in springen. Als hij dit doet, hoor je een klik. Als de kever mazzel heeft, landt hij meteen op zijn pootjes. Als hij pech heeft, moet hij heel vaak springen, net zolang tot hij goed landt.

Wereldwijd zijn er zo'n 8500 soorten kniptorren. In Nederland en België zijn minder dan 80 soorten gevonden. De kniptor in dit verhaal is een Alaus oculatus: hij heeft kleine, echte oogjes op zijn kop en grote nepogen op zijn rug. Die nepogen moeten vogels, slangen en andere vijanden van de kever afschrikken.

Maar zijn vrienden vinden die ogen natuurlijk niet eng! Volg op de bladzijde hiernaast de gekleurde lijntjes, zodat de vrienden van de kever hun weg naar hem toe kunnen vinden.

een kniptorraket maken

Dit heb je nodig:

    • 2 papieren of plastic bekertjes
    • 1 schaar
    • 2 rubberen elastiekjes
    • 1 dikke zwarte stift
  1. Neem een bekertje en maak in de rand vier knipjes van een halve centimeter, zoals op het plaatje hiernaast.
  2. Knip de elastieken door, zodat je twee lange rubberen bandjes hebt.
  3. Leg een knoop in alle uiteinden van de twee bandjes.
  4. Klem de bandjes in de knipjes, met de knopen aan de buitenkant van het bekertje. Knip de bandjes korter, als dat nodig is.
  5. Teken met de stift twee grote ogen op de zijkant van je bekertje met de elastiekjes.
  6. Zet het tweede bekertje op zijn kop neer.
  7. Pak het bekertje met de elastiekjes vast bij de rand en duw hem op zijn kop over het andere bekertje heen.
  8. Laat los en laat je kniptor door de lucht springen!

Leuke liedjes of versjes om voor te lezen:

Kriebel krabbel

Daar komen twee spinnetjes aan

Kriebel krabbel 3x

De een heet Piet de ander Daan

Ffffft…..weg is Piet

Ffffft…….weg is Daan

Daar komen ze, daar komen ze allebei weer aan

Kriebel krabbel 3x

Liedje lieveheersbeestje (op de wijs van: Op een grote paddenstoel)

klein, klein lieveheersbeestje

rood met witte stippen

zat eens op een olifant

heen en weer te wippen

‘hatsjie’ zei de olifant

met een grote zucht

en het lieveheersbeestje

vloog toen door de lucht!

Alle wriemeldiertjes

alle wiebeldiertjes

alle kruip- en kriebeldiertjes

zitten verstopt in het hoge gras.

Ik zou maar op mijn tenen lopen

als ik jou was.

(Joke van Leeuwen)

Duizendpoot

De moeder van de duizendpoot

Is vreselijk ontevreden

Want haar zoontje is zojuist

In de sloot gegleden….

En als je even rekent

Wat dat betekent?

Op zijn hoofd een grote buil

En wel duizend sokjes vuil!

De langste rups - seriëren

Print of teken een rups. Zorg voor nog enkele rupsen die korter of langer zijn dat deze rups. Leg de rupsen in de kring en laat de kinderen ze op volgorde leggen: van kort naar lang.

Knutsel of teken een kriebelbeestje, dat kan met papier, stofjes, kralen, noem maar op. Gaan we weer naar school, neem het dan mee, dan hebben we een mooi groepswerk.

Hieronder vindt u de volledige thuiswerkstructuur, zoals deze nu is opgebouwd voor De Lispeltuut. Heeft u nog vragen, check eerst: